Algemene voorwaarden Zorgplan
1. ALGEMEEN
1.1 Deze algemene voorwaarden (de Algemene Voorwaarden) zijn van toepassing op de diensten en producten geleverd door Steven De Smedt – Dierenarts BV, met zetel te 2220 Heist-op-den-Berg, Paul Van Roosbroecklaan 46, RPR Antwerpen afdeling Mechelen, BTW BE 0720.759.488 (de Praktijk), in toepassing van de overeenkomst “Zorgplan” (het Zorgplan) die gesloten werd met de afnemer van het Zorgplan (de Klant).
1.2 Begrippen met een hoofdletter die worden gebruikt in deze Algemene Voorwaarden hebben de betekenis die daaraan in deze Algemene Voorwaarden worden gegeven. Deze Algemene Voorwaarden maken onlosmakelijk deel uit van het Zorgplan en zijn van toepassing op de rechten en verplichtingen van de Praktijk en de Klant met betrekking tot het Zorgplan, samen met de voorwaarden die in het Zorgplan worden vermeld. Bij tegenstrijdigheid tussen een bepaling in deze Algemene Voorwaarden en een bepaling van het Zorgplan, hebben de bepalingen van het Zorgplan voorrang. Met begrippen in het enkelvoud wordt ook het meervoud begrepen, en vice versa.
1.3 Afwijkingen aan deze Algemene Voorwaarden en/of het Zorgplan moeten uitdrukkelijk en schriftelijk door de Praktijk worden bevestigd.
1.4 De Praktijk behoudt zich het recht voor om deze Algemene Voorwaarden te wijzigen. Bij elke wijziging zal de Praktijk de Klant hierover minstens 30 kalenderdagen vóór de inwerkingtreding van de wijzigingen schriftelijk informeren. De Klant heeft het recht om, binnen 15 kalenderdagen na ontvangst van deze kennisgeving, schriftelijk bezwaar te maken tegen de voorgestelde wijzigingen. Als de Klant bezwaar maakt, hebben zowel de Klant als de Praktijk het recht om het Zorgplan te beëindigen, met inachtneming van een opzegtermijn van 30 kalenderdagen. Als de Klant niet binnen de 15 kalenderdagen na de kennisgeving bezwaar maakt, worden de wijzigingen geacht aanvaard te zijn door de Klant. Deze Algemene Voorwaarden gelden voor de Zorgplannen vanaf 01/03/2026.
1.5 In deze Algemene Voorwaarden wordt ervan uitgegaan dat de Klant optreedt als consument in de zin van artikel I.1, 2° van het Wetboek van Economisch Recht.
2. DEKKING VAN HET ZORGPLAN
2.1 Het Zorgplan gaat van kracht zodra de Klant en de Praktijk het Zorgplan volledig hebben ingevuld en ondertekend. Door het Zorgplan aan te gaan en de maandelijkse vergoedingen in overeenstemming met het Zorgplan te betalen (de Maandvergoedingen) – waarbij de Maandvergoeding overeenkomt met de jaarlijkse vergoeding (de Jaarvergoeding) gedeeld door 12 zoals beschreven in het Zorgplan – heeft de Klant recht op een vaste hoeveelheid preventieve diergeneeskundige diensten en producten voor de verzorging van zijn huisdier vermeld in het Zorgplan (het Huisdier) gedurende 1 jaar, in overeenstemming met het dienstenoverzicht opgesomd in het Zorgplan (de Diensten). De Diensten omvatten geen diergeneeskundige behandelingen voor onvoorziene gebeurtenissen waarbij het Huisdier betrokken is, zoals behandelingen van verwondingen of ziekten die het Huisdier kan oplopen of lijden.
2.2 Behoudens de bepalingen van het Zorgplan en de planning van de afspraak/afspraken samen met de Praktijk, kan de Klant de Diensten op verschillende momenten afnemen gedurende 1 jaar (12 maanden) vanaf de datum waarop het Zorgplan van kracht wordt zoals beschreven in Artikel 2.1 van deze Algemene Voorwaarden (elke periode wordt hierna aangeduid als een Jaarperiode en de 1ste periode als de Eerste Jaarperiode).
2.3 Een van de doelen van het Zorgplan is het spreiden van de Jaarvergoeding. De Diensten worden alleen verleend wanneer de Klant en de Praktijk samen een afspraak maken voor het verlenen en ontvangen van de Diensten (bijv. behandeling of onderzoek) volgens de gebruikelijke planning- en afspraakprocedures van de Praktijk. De Klant dient zelf te zorgen dat afspraken worden ingepland, zodat de Klant gebruik kan maken van de Diensten gedurende de Jaarperiode. De Klant wordt niet vrijgesteld van zijn verplichting om de volledige Jaarvergoeding te betalen als de Klant om welke reden dan ook ervoor kiest om een of meer van de Diensten niet binnen de betreffende Jaarperiode te gebruiken.
2.4 De Praktijk levert alleen de Diensten voor het Huisdier zoals beschreven in het Zorgplan. De Klant dient de Praktijk onmiddellijk op de hoogte te stellen van elke wijziging of update van de gegevens die de Klant heeft verstrekt in het Zorgplan en de incassomachtiging.
2.5 Producten die in het kader van het Zorgplan inbegrepen zijn, worden halfjaarlijks aan de Klant geleverd, en voor de 1ste maal bij de ondertekening van het Zorgplan. De Praktijk zal daarna de Klant elk half jaar verwittigen dat de producten op de Praktijk afgehaald kunnen worden.
2.6 De Praktijk zal de Diensten verlenen met de nodige zorg en vakkundigheid volgens de normen voor diergeneeskundige zorg.
3. BETALING EN BETALINGSVERTRAGINGEN
3.1 De Klant betaalt de Maandvergoeding op de 28ste dag van elke kalendermaand, of de volgende of voorafgaande werkdag van dezelfde maand die het dichtst bij die datum ligt (de Betaaldatum). De betaling van de 1ste Maandvergoeding zal onmiddellijk bij het sluiten van het Zorgplan plaatsvinden. De ondertekening van het Zorgplan vindt plaats op de Praktijk. De Klant betaalt het bedrag contant of met een debet- of creditcard in de Praktijk. De betaling van de 1ste Maandvergoeding is bedoeld als voorschot op (i) de resterende dagen vanaf het begin van de Jaarperiode tot de 1ste kalenderdag van de volgende maand en (ii) de resterende dagen van de laatste maand van het Zorgplan.
3.2 De 2de en volgende Maandvergoedingen worden voldaan door middel van domiciliëring die wordt geïncasseerd door de Praktijk en waarvoor het SEPA-mandaat tegelijkertijd met het Zorgplan ondertekend wordt. De Klant dient ervoor te zorgen dat er op elke Betaaldatum voldoende saldo op zijn bankrekening staat om volledige en tijdige betaling mogelijk te maken van elke Maandvergoeding.
3.3 Tot het Zorgplan is beëindigd, wordt de automatische incasso van de Maandvergoeding op de Betaaldatum afgeschreven van de rekening die de Klant heeft opgegeven op het SEPA-mandaat.
3.4 Als de Praktijk niet in staat is de Maandvergoeding op de Betaaldatum te innen, zal deze Maandvergoeding samen met de Maandvergoeding voor de kalendermaand op de Betaaldatum van de volgende kalendermaand overgeschreven moeten worden, dan wel op dat ogenblik van de rekening van de Klant worden afgeschreven, behoudens in de situatie dat de vervallen Maandvergoeding alsnog overgeschreven werd.
3.5 Als de automatische incasso van de Maandvergoeding niet plaatsvindt op 2 opeenvolgende Betaaldata en dergelijk betalingsverzuim te wijten is aan omstandigheden waarvoor de Praktijk niet verantwoordelijk is, wordt het Zorgplan beëindigd (i) bij het verstrijken van de Eerste Jaarperiode in overeenstemming met Artikel 5.6, waarbij de Klant de totale Jaarvergoeding (verminderd met de eventuele eerder betaalde Maandvergoedingen) zal voldoen aan de Praktijk of (ii) tijdens de opvolgende Jaarperiodes, bij het verstrijken van de maand waarin de 2de Maandvergoeding niet kan worden geïnd, waarbij de Praktijk het volgende incasseert: ofwel (a) de Maandvergoedingen die niet zijn betaald of (b) de prijzen zoals beschreven in het overzicht van de diensten van de Praktijk (zoals geafficheerd in de wachtzaal van de Praktijk) voor de Diensten die de Klant heeft ontvangen als het bedrag van de ontvangen Diensten hoger is dan de Maandvergoedingen die niet zijn geïncasseerd. De betalingstermijn van facturen volgens dit Artikel 3.5 bedraagt 30 kalenderdagen. Bij gebrek aan betaling van de factuur resp. de Maandvergoeding op de Betaaldatum, wordt het gefactureerde bedrag vermeerderd met de verwijlintresten. De Praktijk past hiervoor de wettelijke intrestvoet toe die van toepassing is op de Betaaldatum van de desbetreffende factuur/Maandvergoeding en deze zal gerekend worden vanaf de kalenderdag die volgt op de dag waarop een 1ste betalingsherinnering verzonden werd, tenzij de factuur betaald werd binnen de 15 kalenderdagen te rekenen vanaf de 3de werkdag na het verzenden van de herinnering. Daarenboven is de Klant ertoe gehouden een forfaitaire schadeloosstelling te betalen als vergoeding voor buitengerechtelijke kosten. Deze schadevergoeding bedraagt, bij het onbetaald blijven na verzending van een 1ste herinnering zoals hiervoor uiteengezet, (i) € 20 als het verschuldigde saldo lager dan of gelijk is aan € 150, (ii) € 30, vermeerderd met 10% van het verschuldigde saldo op de schijf tussen € 150,01 en € 500 als dit saldo tussen € 150,01 en € 500 is, of (iii) € 65, vermeerderd met 5% van het verschuldigde saldo op de schijf boven € 500 en met een maximum van € 2.000 als het verschuldigde saldo hoger dan € 500 is. De Praktijk zal daarnaast eventuele buitengerechtelijke kosten kunnen verhalen op de Klant, voor zover deze kosten redelijk en noodzakelijk zijn en in verhouding tot het onbetaalde factuurbedrag staan. Dezelfde verwijlintresten en schadebeding zijn van toepassing bij laattijdige terugbetaling door de Praktijk.
3.6 De Klant heeft het recht om de Diensten te blijven ontvangen voor het resterende deel van de Eerste Jaarperiode, als en wanneer de Klant de bedragen die zijn gefactureerd onder Artikel 3.5 van deze Algemene Voorwaarden volledig heeft betaald.
4. WIJZIGINGEN
4.1 De Praktijk kan de inhoud van de Diensten aanpassen om de Klant voortdurend te voorzien van een preventief plan voor gezondheidszorg voor het Huisdier dat de Praktijk op basis van haar diergeneeskundige vaardigheden en ervaring als adequaat, aantrekkelijk en concurrerend beschouwt, en/of om in eventuele wijzigingen in de marktomstandigheden te voorzien.
4.2 De Praktijk kan de bepalingen van het Zorgplan (inclusief de Jaarvergoeding en de Maandvergoeding) aanpassen vanwege omstandigheden buiten de invloedssfeer van de Praktijk, waarvan de Praktijk de gevolgen redelijkerwijs niet kon vermijden of ondervangen. De Praktijk kan ook de bepalingen van het Zorgplan aanpassen vanwege algemene prijsstijgingen zoals bijv. vastgelegd door Statbel in de gezondheidsindex, wijzigingen in marktomstandigheden, wet- of regelgeving en aanzienlijk hogere kosten voor het verlenen van de Diensten (bijv. hogere dierenartskosten, marketingkosten, directe en indirecte belastingen). Verhogingen van de Jaarvergoeding (en daarmee de Maandvergoeding) zullen niet hoger zijn dan 10% van de Jaarvergoeding (en de Maandvergoeding) zoals gold voor de voorgaande Jaarperiode (of, voor zover de Eerste Jaarperiode nog niet verstreken is, de Eerste Jaarperiode).
4.3 Aanpassingen op grond van dit Artikel 4 kunnen vanwege praktische overwegingen worden geïmplementeerd vóór het verstrijken van de relevante Jaarperiode en zullen dientengevolge van toepassing zijn vanaf een bepaald moment binnen deze Jaarperiode. De Klant zal ten minste 2 maanden voorafgaand aan de uitvoering van dergelijke aanpassingen op de hoogte worden gebracht om de Klant in staat te stellen eventuele aanpassingen af te wijzen door het Zorgplan in overeenstemming met Artikel 5.1 op te zeggen. Alle aanpassingen worden schriftelijk (bijv. per gewone post of e-mail) door de Praktijk aan de Klant meegedeeld.
5. DUUR EN BEËINDIGING VAN HET ZORGPLAN EN RECHT OP ANNULERING
5.1 Aangezien de Jaarvergoeding die de Klant moet betalen voor de Diensten, wordt gespreid over een Jaarperiode, is het Zorgplan ten minste gedurende de Eerste Jaarperiode van kracht. De Klant kan het Zorgplan opzeggen door de Praktijk ten minste 1 maand voorafgaand aan het einde van de lopende Jaarperiode hiervan in kennis te stellen. De Klant zal ten minste 2 maanden vóór het verstrijken van de lopende Jaarperiode door de Praktijk schriftelijk (bijv. per gewone post of e-mail) in kennis worden gesteld van het feit dat het Zorgplan van rechtswege verlengd wordt voor een nieuwe Jaarperiode voor zover er door de Klant geen tijdige opzegging (minstens 1 maand vooraf) van het Zorgplan plaatsvond.
5.2 Als de Klant het Zorgplan niet opzegt zoals bepaald in Artikel 5.1 van deze Algemene Voorwaarden, wordt het Zorgplan automatisch en ongewijzigd (afgezien wijzigingen die zijn gemeld op grond van Artikel 4) met een Jaarperiode verlengd. De Klant kan vanaf de 2de Jaarperiode evenwel het Zorgplan altijd opzeggen met een opzegtermijn van 1 maand. Door opzegging eindigt het Zorgplan na de opzegtermijn van 1 maand. Mocht de Klant meer Diensten hebben ontvangen dan is betaald via de Maandvergoeding, dan heeft de Praktijk het recht het verschil te factureren tussen de betaalde Maandvergoeding gedurende de Jaarperiode waarin de Klant het Zorgplan heeft beëindigd en de afgenomen Diensten tegen de op dat moment geldende prijzen zoals beschreven in het overzicht van de diensten van de Praktijk (zoals geafficheerd in de wachtzaal van de Praktijk).
5.3 Als het Huisdier komt te overlijden in de Eerste Jaarperiode, wordt het Zorgplan met onmiddellijke ingang beëindigd, op voorwaarde dat de Klant (i) alle Maandvergoedingen tot en met de maand dat de Klant aan de Praktijk heeft doorgegeven dat zijn Huisdier is overleden, of, in het geval dat dit bedrag hoger is (ii) de afgenomen Diensten tegen de op dat moment geldende prijzen zoals beschreven in het overzicht van de diensten van de Praktijk (zoals geafficheerd in de wachtzaal van de Praktijk) tijdens de Eerste Jaarperiode heeft betaald. De Praktijk heeft het recht om informatie te vragen, zoals de overlijdensakte van het Huisdier.
5.4 In alle gevallen waarbij het Zorgplan door de Klant in de Eerste Jaarperiode beëindigd wordt, zal een forfaitaire schadevergoeding gelijk aan 1 Maandvergoeding verschuldigd zijn.
5.5 De Klant kan het Zorgplan in ieder geval ontbinden op grond van artikel 5:239 van het Burgerlijk Wetboek.
5.6 Als de automatische incasso van de Maandvergoeding niet plaatsvindt op 2 opeenvolgende Betaaldata en dergelijk betalingsverzuim te wijten is aan omstandigheden waarvoor de Praktijk niet verantwoordelijk is, wordt het Zorgplan automatisch beëindigd na het verstrijken van de Jaarperiode waarin het betalingsverzuim plaatsvond tijdens de Eerste Jaarperiode of bij het verstrijken van de maand waarin de 2de Maandvergoeding niet werd betaald resp. niet kon worden geïncasseerd tijdens de daaropvolgende Jaarperiode.
5.7 De Praktijk kan het Zorgplan altijd opzeggen mits naleving van een termijn van minstens 1 maand. Het Zorgplan eindigt dan op het einde van de lopende Jaarperiode.
6. AANSPRAKELIJKHEID
6.1 De Praktijk is jegens de Klant aansprakelijk voor alle zaken die betrekking hebben op het Zorgplan, zoals een fout of schending van een verplichting door de Praktijk.
6.2 Voor zover de aansprakelijkheid van de Praktijk vaststaat, zal zij gehouden zijn tot het betalen van een schadevergoeding die maximaal gelijk kan zijn aan het bedrag van de lopende Jaarvergoeding, rekening houdend met de aard en de directe gevolgen van de schade, behoudens eventuele toepassing van de van toepassing zijnde medische deontologie/aansprakelijkheid.
6.3 Ongeacht andersluidende wettelijke bepalingen, kunnen in geen geval de bestuurders, aandeelhouders, werknemers en/of onderaannemers van de Praktijk rechtstreeks of solidair met de Praktijk aangesproken worden door de Klant, behoudens eventuele toepassing van de van toepassing zijnde medische deontologie/aansprakelijkheid.
6.4 Een tekortkoming in de nakoming van het Zorgplan kan de Praktijk niet worden toegerekend als zij niet is te wijten aan de schuld van de Praktijk zoals beschreven in artikel 5:226 van het Burgerlijk Wetboek (“overmacht”).
7. TOEPASSELIJK RECHT EN GESCHILLEN
7.1 Op het Zorgplan en op deze Algemene Voorwaarden is Belgisch recht van toepassing.
7.2 In geval van geschillen die voortvloeien uit of die verband houden met het Zorgplan of de uitvoering ervan en/of deze Algemene Voorwaarden, zullen partijen trachten het geschil in der minne te regelen. Als een minnelijke regeling niet mogelijk blijkt, wordt het geschil voorgelegd aan de bevoegde rechtbank. De rechtbanken van het gerechtelijk arrondissement en de afdeling waar de Praktijk haar zetel heeft, zijn primair bevoegd. Echter, als dit voor de Klant een onredelijke last zou vormen, kan de Klant kiezen om het geschil voor te leggen aan een bevoegde rechtbank dichter bij zijn woonplaats, mits dit binnen België is. Deze keuze dient binnen een redelijke termijn na het ontstaan van het geschil schriftelijk aan de Praktijk kenbaar gemaakt te worden.